De peuterspeelzaal – of peuteropvang zoals het officieel heet tegenwoordig – is een bijzondere plek. Hier doen kinderen vanaf 2 jaar de eerste ervaringen op met leren en ontwikkelen volgens een vast dagritme en in een vaste groep. Een beetje zoals straks op school. Spelenderwijs ontwikkelen ze zich, en leren de peuters zichzelf én de wereld om zich heen steeds beter kennen. De pedagogisch medewerkers van Doomijn begeleiden hen daarbij met zorg en aandacht. Of ze nu, zoals Fija, al jarenlang bij Doomijn werken, of zoals Eline net komen kijken in de wereld van de peuters.

Eline Mulder (21) woont bij haar ouders in Wolvega, heeft haar diploma onderwijsassistent en wist al in groep vier: later word ik kleuterjuf. Het liep nét even anders, maar ze ontdekt veel overeenkomsten met de peuterspeelzaal waar ze sinds afgelopen juni werkt.

Eline Mulder (21)

Fija de With (64) woont in Zwolle, vlak om de hoek van haar zoon, zijn vriendin en haar kleinkinderen en werkt al jaren bij Doomijn. Zevenentwintig, om precies te zijn. Het hart van deze doorgewinterde pedagogisch medewerker ligt bij peuters, want juist zíj houden het werk na al die jaren uitdagend.

Fija de With (64)

Ervaren of net begonnen

Waarom werken met peuters nooit verveelt

Het allerleukst vind ik het werken met de oudste peuters, maar ook om kinderen die net bij ons komen te zien groeien.

Eline Mulder (21) woont bij haar ouders in Wolvega, heeft haar diploma onderwijsassistent en wist al in groep vier: later word ik kleuterjuf. Het liep nét even anders, maar ze ontdekt veel overeenkomsten met de peuterspeelzaal waar ze sinds juni werkt.

Eline Mulder (21)

“Een halfjaar lang volgde ik een associate degree (een tweejarige studie, qua niveau tussen mbo-4 en hbo in - red.) omdat ik graag wilde doorgroeien in mijn vak als onderwijsassistent. In de praktijk betekende dit vooral mijn theoretische kennis verbreden en laten zien wat ik geleerd heb. En daar mijn baas van overtuigen. Wat ik hier naast mijn opleiding extra mee kon, was niet duidelijk en voor mij de reden om te stoppen. Ik wilde altijd graag kleuterjuf worden, speelde als kind het liefst al met de kleuters buiten. Maar omdat ik niet voor de hogere klassen wil staan, is de pabo voor mij geen optie.

Het allerleukst vind ik het werken met de oudste peuters, maar ook om kinderen die net bij ons komen te zien groeien.

Terug naar overzicht

Al wat langer deed ik invalwerk bij Doomijn en sinds vijf weken ben ik nu officieel in dienst als pedagogisch medewerker bij peuterspeelzaal Betelgeuze in Lemmer. Het allerleukst vind ik het werken met de oudste peuters, maar ook om kinderen die net bij ons komen te zien groeien. De kinderen hebben er altijd zin in! Dat vind ik ook het allerbelangrijkst: dat zij vooral een leuke dag hebben, waarop ze fijn samen spelen en nieuwe dingen leren. Zoals dingen netjes vragen, op je beurt wachten en in de kring zitten. Dit vraagt vooral van de jongste peuters soms best veel. Ik wil graag dat ze zich vertrouwd bij mij voelen en help hen bij het samen spelen, als dat nog spannend is. Het is leuk om te zien dat dit gewaardeerd wordt. Zo kreeg ik voor de zomervakantie een persoonlijk kaartje van een meisje: dat ik een hele lieve juf ben en dat ik altijd heel goed hielp, vooral als ze ‘au’ had.

Terug naar overzicht

In mijn werk let ik vooral op de motoriek van kinderen, en probeer deze veel te stimuleren. Net als hun sociaal-emotionele ontwikkeling. Het is zo grappig om te zien dat kinderen heel eerlijk zijn, daar kan ik wel echt om lachen. Bij kinderen met een VVE-indicatie probeer ik veel te praten, nog vaker dan anders. Het lukt hun niet altijd duidelijk te maken wat ze willen. Toch probeer ik te begrijpen wat ze zeggen en laat hen zien dat ik luister.

 

Het werken op de peuterspeelzaal is zoals ik het had verwacht, hoewel ik er al snel achter kwam dat ik echt nog kennis mis. Ik heb nog veel te leren. Het is fijn dat dit bij Doomijn en binnen deze baan kan. Mijn collega neemt bijvoorbeeld toetsen af. Dat mag ik nu nog niet, maar ga hiervoor een cursus volgen. Naast mijn werk start ik volgend jaar met een opleiding tot zwemlerares. Ik ben nog zo jong en wil me graag blijven ontwikkelen!”

Terug naar overzicht
Terug naar overzicht

Fija de With (64) woont in Zwolle, vlak om de hoek van haar zoon, zijn vriendin en haar kleinkinderen en werkt al jaren bij Doomijn. Zevenentwintig, om precies te zijn. Het hart van deze doorgewinterde pedagogisch medewerker ligt bij peuters, want juist zíj houden het werk na al die jaren uitdagend.

Fija de With (64)

“Toen mijn zoon een jaar of dertig geleden naar de peuterspeelzaal in het wijkcentrum in Assendorp ging, startte ik daar als vrijwilliger. Zo was ik bijvoorbeeld voorleesmoeder. Ik kreeg de kans om de tweejarige opleiding LKC (Leidster Kindcentra) te volgen dankzij een subsidie van de gemeente. Dat betekende: veel stagelopen en een dag of twee in de week naar school. Zo behaalde ik mijn mbo-diploma als pedagogisch medewerker, tegelijk met een aantal collega’s die ook nog steeds bij Doomijn werken. Ik startte op een peuterspeelzaal in Zwolle Zuid met twee dagdelen per week. Nu werk ik al een hele tijd op de VE-locatie van Doomijn aan de Bachlaan 20 in Holtenbroek.

 

Kinderen zijn zó open en ontvankelijk. Ze verwonderen zich echt, dat is prachtig om te zien. Je kan er heel veel in stoppen, en als ze van de opvang af gaan krijg je ook veel terug: ze zijn echt gegroeid! Dat is wat mij altijd heeft aangesproken in het werken in de kinderopvang. 

Ik heb in de afgelopen jaren uitstapjes gemaakt als trainer in de Piramide-methode en als vve-coach, maar mijn hart ligt echt bij de kinderen en hun ouders. Nu geef ik geen trainingen meer en richt me helemaal op de kinderen. Ik zou niet alleen op een reguliere opvang willen werken, voor mij ligt de uitdaging in het werken op een VE-locatie.

Binnen Doomijn heb ik altijd met de peuters gewerkt. Baby’s zijn heel leuk, zoals mijn kleinzoon van 1 jaar, maar dan ben je meer verzorger. De educatieve kant bij peuters vind ik juist het leuke. Ieder kind is uniek en heeft een eigen achtergrond en cultuur. Ze komen heel blanco bij ons binnen en zijn soms de Nederlandse taal nog niet goed machtig. In het begin kunnen ze dan niet uitleggen wat ze bedoelen, maar als ze weggaan begrijpen ze zoveel! Je ziet ze echt opengaan en nieuwsgierig zijn naar wat er om hen heen gebeurt.

Wat ik belangrijk vind, is dat peuters blij zijn dat ze naar de speelzaal kunnen en zich hier op hun gemak voelen. Anders kunnen ze zich niet goed ontwikkelen. Voor de jongste peuters is dit soms de eerste plek waar ze naartoe gaan zonder hun ouders, dan is veiligheid echt de basis. Die creëren we door duidelijke structuur te bieden. We stimuleren hen om deel uit te maken van de groep. De oudste peuters vinden het heel leuk om de jongsten te helpen. 

De sociaal-emotionele ontwikkeling is de basis van wat we peuters willen leren, daarna volgt de rest. Motoriek is ook heel belangrijk, daarom spelen we bijvoorbeeld iedere dag twee keer in onze grote buitenspeelruimte. De Piramide-methode geeft houvast voor activiteiten die we voor verschillende ontwikkelingsgebieden kunnen doen. Vroeger ging dat meer als groep, nu werken we met kleine groepjes van kinderen met hetzelfde niveau.

Aan de kinderen laat ik merken dat ik hen zie en er voor hen ben, door erbij te gaan zitten als ze spelen en te kijken wat er gebeurt. Ik ben beschikbaar voor hen en kan ingrijpen als dat nodig is. We werken met z’n drieën en observeren en bespreken samen wat we zien. 

Van de peuters leer ik om in het hier en nu te zijn. Niet alles waar wij ons druk over maken is belangrijk. Kinderen stralen als ze het zonnetje – het hulpje van die dag – mogen zijn of verwonderen zich over de insecten in onze tuin en willen deze van alle kanten bestuderen. Ze zijn zo blij met kleine dingen en zien niets als vanzelfsprekend, daar kunnen wij een hoop van leren!

Juist de peuters houden het werk na al die jaren uitdagend

Van de peuters leer ik om in het hier en nu te zijn. Niet alles waar wij ons druk over maken is belangrijk


Hoe ik dit werk na al die jaren leuk en uitdagend houd? Dat doen de kinderen! Ook heb ik binnen Doomijn veel kansen gekregen om mijzelf te ontwikkelen door training en opleidingen. Groei wordt echt gestimuleerd, dat waardeer ik echt.

Aan het einde van een werkdag ga ik met een goed gevoel naar huis als ik weet dat de kinderen dat ook doen. Als zij een leuke ochtend of middag hebben gehad en ik er voor hen heb kunnen zijn, óók voor de kinderen die wat meer aandacht vragen in de groep. Daarbij kijk ik wat er op dat moment speelt, zonder altijd een vast programma te volgen, en laat de kinderen merken: ik zie je!”

Hoe ik dit werk na al die jaren leuk en uitdagend houd? Dat doen de kinderen!

De peuterspeelzaal – of peuteropvang zoals het officieel heet tegenwoordig – is een bijzondere plek. Hier doen kinderen vanaf 2 jaar de eerste ervaringen op met leren en ontwikkelen volgens een vast dagritme en in een vaste groep. Een beetje zoals straks op school. Spelenderwijs ontwikkelen ze zich, en leren de peuters zichzelf én de wereld om zich heen steeds beter kennen. De pedagogisch medewerkers van Doomijn begeleiden hen daarbij met zorg en aandacht. Of ze nu, zoals Fija, al jarenlang bij Doomijn werken, of zoals Eline net komen kijken in de wereld van de peuters.

Ervaren of net begonnen

Waarom werken met peuters nooit verveelt

Eline Mulder (21) woont bij haar ouders in Wolvega, heeft haar diploma onderwijsassistent en wist al in groep vier: later word ik kleuterjuf. Het liep nét even anders, maar ze ontdekt veel overeenkomsten met de peuterspeelzaal waar ze sinds afgelopen juni werkt.

Eline Mulder (21)

Fija de With (64) woont in Zwolle, vlak om de hoek van haar zoon, zijn vriendin en haar kleinkinderen en werkt al jaren bij Doomijn. Zevenentwintig, om precies te zijn. Het hart van deze doorgewinterde pedagogisch medewerker ligt bij peuters, want juist zíj houden het werk na al die jaren uitdagend.

Fija de With (64)

Eline Mulder (21)

Eline Mulder (21) woont bij haar ouders in Wolvega, heeft haar diploma onderwijsassistent en wist al in groep vier: later word ik kleuterjuf. Het liep nét even anders, maar ze ontdekt veel overeenkomsten met de peuterspeelzaal waar ze sinds juni werkt.

“Een halfjaar lang volgde ik een associate degree (een tweejarige studie, qua niveau tussen mbo-4 en hbo in - red.) omdat ik graag wilde doorgroeien in mijn vak als onderwijsassistent. In de praktijk betekende dit vooral mijn theoretische kennis verbreden en laten zien wat ik geleerd heb. En daar mijn baas van overtuigen. Wat ik hier naast mijn opleiding extra mee kon, was niet duidelijk en voor mij de reden om te stoppen. Ik wilde altijd graag kleuterjuf worden, speelde als kind het liefst al met de kleuters buiten. Maar omdat ik niet voor de hogere klassen wil staan, is de pabo voor mij geen optie.

Het allerleukst vind ik het werken met de oudste peuters, maar ook om kinderen die net bij ons komen te zien groeien.

Al wat langer deed ik invalwerk bij Doomijn en sinds vijf weken ben ik nu officieel in dienst als pedagogisch medewerker bij peuterspeelzaal Betelgeuze in Lemmer. Het allerleukst vind ik het werken met de oudste peuters, maar ook om kinderen die net bij ons komen te zien groeien. De kinderen hebben er altijd zin in! Dat vind ik ook het allerbelangrijkst: dat zij vooral een leuke dag hebben, waarop ze fijn samen spelen en nieuwe dingen leren. Zoals dingen netjes vragen, op je beurt wachten en in de kring zitten. Dit vraagt vooral van de jongste peuters soms best veel. Ik wil graag dat ze zich vertrouwd bij mij voelen en help hen bij het samen spelen, als dat nog spannend is. Het is leuk om te zien dat dit gewaardeerd wordt. Zo kreeg ik voor de zomervakantie een persoonlijk kaartje van een meisje: dat ik een hele lieve juf ben en dat ik altijd heel goed hielp, vooral als ze ‘au’ had.

Terug naar overzicht
Terug naar overzicht

We gaan elke dag naar buiten, zitten in de kring, maken muziek en eten fruit. Daarmee zijn er veel overeenkomsten tussen mijn werk op de peuterspeelzaal en eerdere stages in het onderwijs. Het grootste verschil is dat ik nu meer verzorgende taken heb. 

Op de peuterspeelzaal zijn we gericht op een doorgaande leerlijn naar de basisschool, op die manier proberen we de kinderen vast voor te bereiden. Ze zijn hier een dagdeel, in plaats van de hele dag op een kinderdagverblijf, en ze zijn vaak echt op aan het einde van zo’n ochtend. 

Ik ben natuurlijk net begonnen - en in de zomer is de peuterspeelzaal gesloten - maar de bedoeling is dat ik straks veel met activiteiten ga doen. We willen bijvoorbeeld knutselwerkjes meer kind-eigen maken; meer hun eigen invulling en het hen écht zelf laten doen. Dat past helemaal bij de visie van Doomijn.


In mijn werk let ik vooral op de motoriek van kinderen, en probeer deze veel te stimuleren. Net als hun sociaal-emotionele ontwikkeling. Het is zo grappig om te zien dat kinderen heel eerlijk zijn, daar kan ik wel echt om lachen. Bij kinderen met een VVE-indicatie probeer ik veel te praten, nog vaker dan anders. Het lukt hun niet altijd duidelijk te maken wat ze willen. Toch probeer ik te begrijpen wat ze zeggen en laat hen zien dat ik luister.

Het werken op de peuterspeelzaal is zoals ik het had verwacht, hoewel ik er al snel achter kwam dat ik echt nog kennis mis. Ik heb nog veel te leren. Het is fijn dat dit bij Doomijn en binnen deze baan kan. Mijn collega neemt bijvoorbeeld toetsen af. Dat mag ik nu nog niet, maar ga hiervoor een cursus volgen. Naast mijn werk start ik volgend jaar met een opleiding tot zwemlerares. Ik ben nog zo jong en wil me graag blijven ontwikkelen!”

Terug naar overzicht
Terug naar overzicht

Fija de With (64) woont in Zwolle, vlak om de hoek van haar zoon, zijn vriendin en haar kleinkinderen en werkt al jaren bij Doomijn. Zevenentwintig, om precies te zijn. Het hart van deze doorgewinterde pedagogisch medewerker ligt bij peuters, want juist zíj houden het werk na al die jaren uitdagend.

Fija de With (64)

Juist de peuters houden het werk na al die jaren uitdagend

“Toen mijn zoon een jaar of dertig geleden naar de peuterspeelzaal in het wijkcentrum in Assendorp ging, startte ik daar als vrijwilliger. Zo was ik bijvoorbeeld voorleesmoeder. Ik kreeg de kans om de tweejarige opleiding LKC (Leidster Kindcentra) te volgen dankzij een subsidie van de gemeente. Dat betekende: veel stagelopen en een dag of twee in de week naar school. Zo behaalde ik mijn mbo-diploma als pedagogisch medewerker, tegelijk met een aantal collega’s die ook nog steeds bij Doomijn werken. Ik startte op een peuterspeelzaal in Zwolle Zuid met twee dagdelen per week. Nu werk ik al een hele tijd op de VE-locatie van Doomijn aan de Bachlaan 20 in Holtenbroek.

Kinderen zijn zó open en ontvankelijk. Ze verwonderen zich echt, dat is prachtig om te zien. Je kan er heel veel in stoppen, en als ze van de opvang af gaan krijg je ook veel terug: ze zijn echt gegroeid! Dat is wat mij altijd heeft aangesproken in het werken in de kinderopvang. 

Ik heb in de afgelopen jaren uitstapjes gemaakt als trainer in de Piramide-methode en als vve-coach, maar mijn hart ligt echt bij de kinderen en hun ouders. Nu geef ik geen trainingen meer en richt me helemaal op de kinderen. Ik zou niet alleen op een reguliere opvang willen werken, voor mij ligt de uitdaging in het werken op een VE-locatie.

Binnen Doomijn heb ik altijd met de peuters gewerkt. Baby’s zijn heel leuk, zoals mijn kleinzoon van 1 jaar, maar dan ben je meer verzorger. De educatieve kant bij peuters vind ik juist het leuke. Ieder kind is uniek en heeft een eigen achtergrond en cultuur. Ze komen heel blanco bij ons binnen en zijn soms de Nederlandse taal nog niet goed machtig. In het begin kunnen ze dan niet uitleggen wat ze bedoelen, maar als ze weggaan begrijpen ze zoveel! Je ziet ze echt opengaan en nieuwsgierig zijn naar wat er om hen heen gebeurt.

Wat ik belangrijk vind, is dat peuters blij zijn dat ze naar de speelzaal kunnen en zich hier op hun gemak voelen. Anders kunnen ze zich niet goed ontwikkelen. Voor de jongste peuters is dit soms de eerste plek waar ze naartoe gaan zonder hun ouders, dan is veiligheid echt de basis. Die creëren we door duidelijke structuur te bieden. We stimuleren hen om deel uit te maken van de groep. De oudste peuters vinden het heel leuk om de jongsten te helpen. 

De sociaal-emotionele ontwikkeling is de basis van wat we peuters willen leren, daarna volgt de rest. Motoriek is ook heel belangrijk, daarom spelen we bijvoorbeeld iedere dag twee keer in onze grote buitenspeelruimte. De Piramide-methode geeft houvast voor activiteiten die we voor verschillende ontwikkelingsgebieden kunnen doen. Vroeger ging dat meer als groep, nu werken we met kleine groepjes van kinderen met hetzelfde niveau.

Van de peuters leer ik om in het hier en nu te zijn. Niet alles waar wij ons druk over maken is belangrijk

Aan de kinderen laat ik merken dat ik hen zie en er voor hen ben, door erbij te gaan zitten als ze spelen en te kijken wat er gebeurt. Ik ben beschikbaar voor hen en kan ingrijpen als dat nodig is. We werken met z’n drieën en observeren en bespreken samen wat we zien. 

Van de peuters leer ik om in het hier en nu te zijn. Niet alles waar wij ons druk over maken is belangrijk. Kinderen stralen als ze het zonnetje – het hulpje van die dag – mogen zijn of verwonderen zich over de insecten in onze tuin en willen deze van alle kanten bestuderen. Ze zijn zo blij met kleine dingen en zien niets als vanzelfsprekend, daar kunnen wij een hoop van leren!

De basis om goed te kunnen werken met kinderen, is goed contact met hun ouders. Hoewel dit niet altijd lukt als ze de taal niet machtig zijn, probeer ik altijd vriendelijk te vragen hoe het is en geïnteresseerd te zijn in wat hen bezighoudt, en hoe ze met hun kind omgaan. Daar leer ik het kind beter door kennen. Vóór corona gingen we daarom op huisbezoek. Je krijgt dan echt een kijkje in de wereld van het kind: hoe gaat de ouder met hem of haar om, hoe reageert het kind op jou en is er bijvoorbeeld speelgoed? Het is een belangrijke basis om een vertrouwensband met de ouders te krijgen en voor het kind vast vertrouwd te zijn voordat het op de peuterspeelzaal komt. Per cultuur verschilt het wat ouders belangrijk vinden en hoe ze met hun kinderen omgaan. Soms hebben ze heel andere ideeën over opvoeden of bieden weinig regels of grenzen. Dan wordt het een uitdaging om kinderen mee te krijgen in het dagritme op de peuterspeelzaal. 

In de afgelopen jaren is er veel veranderd in het werken op de peuterspeelzaal, zoals de manier van managen, langere dagdelen en het contact met collega’s in andere wijken. Toch blijft het werk in de basis hetzelfde: kinderen blijven kinderen, door de eeuwen heen. Een groot verschil is dat kinderen nu met 2 in plaats van 2,5 jaar naar de peuterspeelzaal mogen. Dreumesen zitten nog wat meer in hun eigen bubbel en hebben een andere manier van spelen. Peuters kiezen al veel bewuster wat ze gaan doen. Oudere kinderen die goed zijn in zorgen voor elkaar stimuleren we om de jongsten onder hun hoede te nemen. Ook hebben we onze groepsruimte aangepast, zodat er meer overzicht is en het duidelijker is voor de kinderen wat waar gebeurt, en vangen we ’s ochtends de jongste en ’s middags de oudste kinderen op. Vooral op locaties voor kinderen die wat meer aandacht nodig hebben, is de werkdruk hoger geworden. Basisscholen oefenen meer druk uit op het signaleren van problemen voordat kinderen naar school gaan, zodat zij weten wat hen te wachten staat. Ondanks dat we gespitst zijn op het écht zien van elk kind, is het soms lastig inschatten hoe ze in een grotere groep zullen functioneren. 


Hoe ik dit werk na al die jaren leuk en uitdagend houd? Dat doen de kinderen! Ook heb ik binnen Doomijn veel kansen gekregen om mijzelf te ontwikkelen door training en opleidingen. Groei wordt echt gestimuleerd, dat waardeer ik echt.

Aan het einde van een werkdag ga ik met een goed gevoel naar huis als ik weet dat de kinderen dat ook doen. Als zij een leuke ochtend of middag hebben gehad en ik er voor hen heb kunnen zijn, óók voor de kinderen die wat meer aandacht vragen in de groep. Daarbij kijk ik wat er op dat moment speelt, zonder altijd een vast programma te volgen, en laat de kinderen merken: ik zie je!”

Hoe ik dit werk na al die jaren leuk en uitdagend houd? Dat doen de kinderen!